Opleiding en tewerkstelling
van Antwerpse mensen zonder papieren.
Een bevraging door Udep-Antwerpen.
Juli 2007
Inleiding
Udep is de nationaal georganiseerde zelforganisatie van mensen zonder papieren. Udep heeft actieve afdelingen in zowat alle grote en middelgrote Belgische steden. Zo ook in Antwerpen.
Udep-Antwerpen wordt actief ondersteund door een 30-tal organisaties uit het Antwerpse middenveld die zich verenigden in het ‘Antwaarps Asiel’. 6 van deze organisaties, met name de Algemene Centrale ABVV-Antwerpen, BBTK-Antwerpen, ACW-Antwerpen, het Antwerps Minderhedencentrum de8, de Bond Zonder Naam en PSC-Vluchtlingendienst maakten middelen en mensen vrij om die ondersteuning te concretiseren.
1. Doel en opzet van de bevraging
In het kader van de discussies die nu aan de gang zijn m.b.t. arbeidsmigratie organiseerde Udep-Antwerpen een bevraging onder haar leden met als doel het opleidingsniveau, de beroepskwalificaties en beroepservaring in kaart te brengen.
De bevraging gebeurde middels een vragenlijst die door een 90-tal mensen zonder papieren werd beantwoord. De bevraging heeft uitdrukkelijk niet de ambitie op zich als wetenschappelijk te presenteren : daarvoor is de gebruikte methode met haar vragenlijst, haar wijze van verspreiden, het aantal respondenten enz. te beperkt. Wel geven de antwoorden op de vragen en de verwerking ervan een aantal duidelijke tendensen aan. Deze vind U in het volgende hoofdstukje.
In een derde deel geven we 6 getuigenissen van mensen zonder papieren weer die – noodgedwongen – in het zwart moeten werken; een zevende, korte, getuigenis is afkomstig van iemand zonder papieren die – nog – officieel werkt.
In een laatste en vierde deeltje, geven we, zeer summier, nog een aantal algemene bedenkingen mee m.b.t. het noodgedwongen zwartwerk van mensen zonder papieren en de ruimere context van – arbeids – migratie.
2. Vaststellingen en tendenzen
Zowiezo komt een heel gedifferentieerd beeld van de Antwerpse – zwartwerkende – mens zonder papieren naar voren.
- Een eerste vaststelling is alvast dat het hardnekkig cliché van de laaggeschoolde, nauwelijks geletterde – uitgeprocedeerde – asielzoeker niet met de werkelijkheid strookt. We vinden evengoed mensen met scholing en ervaring in handel en nijverheid als mensen met universitaire diploma’s terug onder onze Antwerpse mensen zonder papieren.
- Een tweede vaststelling is dat de meeste mensen zonder papieren hard en veel werken wanneer ze kunnen: werkdagen van 10 uur zijn geen uitzondering; nachtwerk komt vaak voor; mensen hebben vaak meer dan één job
- Een derde vaststelling is dat nogal wat mensen hier opleidingen volgden en –gevraagde - beroepskwalifikaties verwierven. Daaronder ook een aantal kwalificaties die aansluiten bij het ‘gamma’ van de knelpuntberoepen
- Een vierde vaststelling is dat verschillende mensen werken met een officieel contract terwijl ze al geruime tijd illegaal zijn verklaard
- Een vijfde vaststelling betreft het uurloon waarvoor mensen werken. Bij het merendeel van de door ons bevraagde mensen ligt dat ver onder het – sectoriele – minimumloon.
- Een zesde vaststelling is dat nogal wat mensen officieel werkten vooraleer ze illegaal werden verklaard : sommigen onder hen zouden direct terug aan de slag kunnen bij hun voormalige werkgever indien zij over de nodige papieren zouden beschikken.
- Een zevende en laatste voorlopige vaststelling is dat nogal wat mensen hier beroepsgerichte opleidingen volgden zowel bij VDAB als andere erkende opleidingsinstellingen als bv. LBC.
In de volgende pagina’s vind U een verwerking van de gevoerde bevraging. U zal merken dat de sommen van een aantal kwantitatieve gegevens niet overéén stemmen met het totaal aantal respondenten. Dit is een gevolg van het feit dat niet alle respondenten de vragenlijst volledig invulden. Waar de gegevens uit onvolledig ingevulde vragenlijsten ons toch relevant leken hebben we die weerhouden en opgenomen in ons overzicht. We merken daarbij op dat mensen zonder papieren, zoals bleek uit enkele gesprekken achteraf, niet geneigd zijn om veel concrete gegevens over hun – zwart- werkactiviteiten prijs te geven uit schrik voor het verlies van de broodnodige job en inkomen.
Het is niet onbelangrijk om op deze bladzijde ook nog het volgende mee te geven : de bevraging heeft ook bij enkele werkgevers een aantal vragen doen rijzen. Zo ontvingen we 4 telefoontjes van individuele werkgevers die vroegen naar mogelijkheden om hun werknemer zonder papieren op legale wijze opnieuw in dienst te nemen en/of te houden.
3. De resultaten van de bevraging
1. oplijsting van opleidingsniveau in land van herkomst : 87 respondenten
1.1 geen schools onderwijs : 3
1.2 lagere schoolopleiding : 11
1.3 middelbare schoolopleiding : 46
1.4 hogere schoolopleiding inclusief universiteit : 27
2. alfabetische oplijsting van kwalificaties/diploma’s verworven in het land van herkomst : 71 respondenten
advocatuur/rechtenstudies : 6
automechanica : 6
apotheek : 4
biologie : 1
chauffeur/vrachtwagenchauffeur : 5
electriciteit : 5
electronica : 1
economie/handelswetenschappen/ management/boekhouding : 1
geneeskunde : 2
ingenieur : 6
horeca/kok : 1
lichaamsverzorging/kapper : 4
lassen :1
muzikant : 1
politieschool: 1
secretariaat : 3
snit en naad : 7
sociologie : 1
software-installatie/ontwikkeling : 2
sportopleiding : 1
tandarts: 2
verkoop: 3
verpleegkunde: 5
zelfstandig handelaar: 2
3. alfabetische oplijsting van tewerkstelling en werkervaring in het land van herkomst: 94 respondenten
advocatuur/gerechtelijke wereld : 6
apotheker: 4
arbeider: 4
arts: 1
automechanieker : 5
boekhouder:: 2
bio-ingenieur:: 1
bedrijfstechnicus/machineonderhoud: 2
electricien: 2
handelaar: 1
ingenieur: 5
journalist: 1
kapper:: 2
kok: 2
kleermaker:: 9
landbouwer: 3
lasser: 2
leraar: 16
muzikant: 2
PC-onderhoudstechnicus: 1
Politieman: 1
Secretaresse: 6
Tandarts : 2
Verkoopster: 3
Verpleegster: 5
Visser: 1
Vrachtwagenchauffeur: 5
4. oplijsting van opleiding en vorming gevolgd in België : 29 respondenten
Zo goed als alle respondenten volgden een opleiding in België. Uiteraard scoren de cursussen Nederlands hier zeer hoog: 67 van de ongeveer 90 respondenten meer dan 70 % volgden één of meerdere cursussen Nederlands. Daarnaast werden vooral – beroepsgerichte – opleidingen gevolgd bij de VDAB en bij de LBC. Hieronder volgt een oplijsting van de gevolgde opleidingen exclusief de gevolgde cursussen Nederlands
bouw/metser : 3
electriciteit : 1
informatica : Windows/Excell : 2
lasser : 2
schoonmaak : 6
talen : engels : 13
talen : Frans: 2
vloerder/kasseier : 1
zelfstandig bedrijfsbeheer 1
opmerking : mbt het hoog aantal mensen die Engels leerden hebben we het vermoeden, op basis van gesprekken met mensen, dat zij die taal wel hier leerden maar niet noodzakelijk in cursusverband.
5. officiële tewerkstelling in België tijdens de legale verblijfsperiode
53 Antwerpse mensen zonder papieren onder de respondenten werkten officieel voor ze illegaal verklaard werden. Onder hen moesten 49 of meer dan 95 % stoppen met werken omwille van de ‘verkregen illegale status’. 34 respondenten melden dat zij terug in dienst zouden genomen worden door hun voormalige werkgever indien zij over papieren zouden beschikken.
6. tewerkstelling in het zwarte circuit
50 correspondenten zeggen te werken in het zwarte circuit. Indicatief cfr. punt 8 werden hier vooral de sectoren van de schoonmaak en de kleine zelfstandige onderneming aangegeven als werkgever.
7. verloning van mensen zonder papieren in het zwarte circuit
1 euro/uur: 1
2.5 euro/uur : 3
3 euro/uur : 13
4 euro/uur : 3
5 euro/uur: 3
5,5 euro/uur : 9
6 euro/uur : 7
6,5 euro/uur : 2
7,5 euro/uur : 8
8 euro/uur :1
10 euro/uur: 9
13/euro/uur : 1
Opmerking : mensen doen verschillende jobs en worden voor verschillende jobs soms ook verschillend betaald.
8. sectoren waar mensen zonder papieren vooral tewerk gesteld worden.
Deze vraag werd niet opgenomen in de enquète. Deze gegevens werden vooral verkregen uit gespreken met mensen nadien. Hierbij geldt dus zeker dat deze gegevens vooral tendenzen op een bepaald moment aangeven. Ze bevestigen wat mensen die met de materie, zwartwerk en illegaliteit, vertrouwd zijn wel vermoeden en waar allerlei – inspectie – diensten mee geconfronteerd worden. We vinden de Antwerpse zwartwerkende mensen zonder papieren vooral terug in:
- de land- en tuinbouwsector
- de horeca
- de schoonmaak
- de kranten- en folderbedeling
- de bouw
- kleine lokale middenstand
Nogal wat mensen zonder papieren halen een deel van hun inkomen uit het ‘bijklussen’ in het privé-netwerk dat ze met Belgische mensen ontwikkelden. Haarkappen en poetsen bij mensen thuis zijn de meest voorkomende jobs in dit circuit . Daarnaast vinden een aantal geschoolde mensen ook binnen deze circuits enig alaam in de vorm van karweien en klussen allerlei, vaak in het kader van verbouwingen en/of opfrissen van woningen.
9. werktijden, werkvolume van mensen zonder papieren
Ook deze vraag werd niet expliciet gesteld cfr. vorig item. Uit gesprekken met mensen halen we volgende relevante gegevens :
- het werkvolume verschilt enorm : sommige mensen werken weinig uren: anderen werken veel. De meeste mensen die weinig werken willen wel meer werken maar vinden dat niet. Omgekeerd willen mensen die veel werken soms wel wat minder werken maar durven ze dit niet voorstellen aan hun werkgever uit angst om hun job te verliezen
- nogal wat mensen werken ’s avonds, s’nachts en ’s morgens vroeg : nergens wordt daar rekening mee gehouden in de verloning
- gedwongen flexibiliteit is troef : soms moeten mensen komen werken voor een uurtje: andere keren werkt men noodgedwongen langer dan afgesproken
- transport moeten mensen meestal zelf voorzien: in de kosten die daartoe gemaakt worden wordt zelden tussen gekomen
4. verhalen van mensen zonder papieren die in het zwart – moeten – werken en een kamermeisje zonder papieren dat officieel werkt.
1. Roza ( uit Kazachstan )
Ik ben de moeder van 3 zonen, waarvan er 2 met mij hier wonen. De jongste zit in de lagere school, de oudste gaat al naar de het middelbare school. We wonen in België sinds 1999 en hebben een korte asielprocedure gehad. In 2002 werd de financiële steun van OCMW aan ons afgeschaft en om mijn kinderen te kunnen opvoeden moest ik in het zwart gaan werken.
Momenteel werk ik bij verschillende werkgevers.
's Morgens om 9 uur begint mijn werkdag in het café en het duurt tot 13uur. Daar krijg ik € 5 per uur. 's Avonds om 18 uur tot laat in de nacht ( soms tot 1 uur ) help ik in het restaurant. Hier schommelt mijn loon tussen 20-30 euro per avond/nacht. Het hangt van de drukte van de dag af. In de vakantie periode is het in horeca sector niet zo druk is en dan moet ik extra werk zoeken om al mijn rekeningen te kunnen betalen. Meestaal doe ik dan schoonmaakwerk aan huis. Aangezien grote de concurrentie krijg ik voor dit werk meestal tussen de 3 en de 4 euro per uur.
Mijn oudste zoon is nu 19 jaar oud en hij wou graag zoals velen van zijn vrienden studenten jobs gaan doen om zijn kleine uitgaven zelf te kunnen betalen maar het is hem niet toegestaan. Ik vindt het zo erg dat ook hij al van zo jongs af in het zwart werk circuit moet raken.
2. Sima ( uit Iran )
Ik kom uit Iran en woon al 8 jaar met mijn kind in België.
In het begin, toen mijn papieren nog in orde waren ben ik uitgenodigd bij PINA om de cursus "maatschappelijke oriëntatie" te volgen. Daarna heb ik bij de VDAB de curssus "Nederlands voor anderstaligen" gevolgd en ook nog de cursus voor de bedienden afgemaakt. Maar ondertussen had ik een negatieve beslissing op mijn asielaanvraag gekregen dus kon de VDAB me geen werkvergunning meer verlenen. Ik vond het heel erg, want ik had die cursussen gevolgd in de hoop dat ik een goede job zou kunnen vinden om goed voor mijn kind te kunnen zorgen . Uiteindelijk moest ik zoals velen van ons van zwart werk en met een laag inkomen leren overleven.
Ik krijg voor mijn werk als poetsvrouw €6 per uur en vindt het in vergelijking met vele andere zwartwerkers nog niet zo slecht. Bv: ik heb de kennissen in Brussel die in de bouwsector werken en met €2 per uur tevreden moeten zijn. Bovendien hebben ze ook geen ongeval- of ziekteverzekering. Ik vindt het zo eng want op de werf gebeuren zoveel ongevallen. Al die mensen dromen van de tijd dat ze legaal mogen werken.
3. Violetta ( uit Georgië )
Ik woon al meer dan 8 jaar samen met mijn echtgenoot en de twee kinderen ( 10 jaar en 7 jaar ) in Antwerpen. Mijn verhaal is niet zozeer op werkervaring maar wel op de studies die vele vreemdelingen in de hoop op betere toekomst hier volgen, gebaseerd.
In het begin waren ik en mijn man zoals vele nieuwkomers met de cursus "Nederlands voor anderstaligen" begonnen. Omdat onze asielprocedure niet zo lang heeft geduurd ( alhoewel, tel die samen met de procedure bij de Raad van Staat, 5 jaar ) konden we noch cursus bij VDAB volgen noch een werkvergunning krijgen. In ons land hadden we alle twee Universitaire diploma's maar hier konden we er weinig mee doen.
Om me goed geïntegreerd te voelen heb ik besloten om ook Franse te gaan studeren en heb ik deze jaar de 3 jarige basis cursus met vrucht beëindigd. Vorige jaar heb ik deel genomen aan het examen dat door de Nederlandse Taalunie ( samenwerking van KUL en de Universiteit van Amsterdam ) één keer per jaar wordt georganiseerd. Ik ben voor de "Certificaat Nederlaands als Vreemde Taal ( CNaVT )" op niveau van "professionele taalvaardigheid" geslaagd. Twee jaar geleden ben ik bij de LBC Antwerpen een cursus "Marketing en verkoop" beginnen te volgen. Het was wel interessant maar, op het niveau TSO-ASO. Van de directie van LBC had ik vernomen dat als ik door het toelatingsexamen zou zijn ( taal en wiskunde ) dat ik dan ook in het hoger onderwijs lessen kunnen volgen. En vanaf vorige jaar volg ik ook "Fiscale wetenschappen" bij LBC. Omdat ik al veel kennis van marketing, handelsrecht enz. had, heb ik me voor het examen "Basiskennis van het bedrijfsbeheer" die door de FOD Economie regelmatig wordt georganiseerd, ingeschreven en sinds januari lj beschik ik ook over dat getuigschrift. Het doel van mijn inzet bij al die opleidingen is een goede job te kunnen vinden zodra ik een werkvergunning krijg.
Met mijn verhaal wil ik aan de Belgische overheid laten tonen dat de vreemdelingen niet altijd de profiteurs die naar België voor het makkelijke leven zijn gekomen, maar dat het ook mensen met goede opleidingen zijn die heel graag legaal willen werken en zo hun bijdrage aan de Belgishe economie en samenleving kunnen leveren.
4. Dennis ( uit Kirgizië )
Ik kom uit Kirgizië en woon bijna 7 jaar lang in België. Ik heb een echtgenote en twee kinderen. (8 jaar en 5 jaar). Omdat we sinds 2004 geen financiële steun van OCMW meer kregen was ik gedwongen om in het zwart gaan werken.
Ik werk als krantenbezorger. Mijn werkdag begint om 3 uur 's nachts en afhankelijk van het hoeveelheid van de kranten werk ik tot 7-8 uur 's morgens. Ik heb altijd schrik van de politiecontroles en van het feit dat mijn baas zal ooit door hebben dat ik i.p.v een andere persoon die voor het werk is aangenomen werk.(nvdr : verschillende mensen zonder papieren werken op naam van iemand anders die wel papieren heeft:; vaak is dat voor hen de enige mogelijkheid om aan een job te geraken ). Maar ik heb ook niet veel keuze. Wie gaat dan voor mijn kinderen zorgen. Ik krijg voor mijn werk maar €400 netto en het is niet genoeg voor een gezin met 2 kinderen.
Mijn vrouw heeft bij de VDAB een cursus van Nederlandse taal gevolgd en was zelfs bij de 15 gelukkigen (van 75) die bij de UFSIA verder Nederlands mochten studeren. Het was ook door de VDAB betaald en haar bedoeling was om daarna een beroepscursus te volgen en aan het werk te gaan. Maar omdat we kort daarna zonder OCMW hulp bleven moest mijn vrouw ook in het zwart gaan werken. Want met mijn loon konden we niet rond komen.
We kijken er naar die tijd uit dat we legaal mogen werken om zonder schrik met onze kinderen door Antwerpen wandelingen te maken en voor hen een extra ijsje te kunnen kopen zonder twee keer na te denken.
5. Sonja ( uit Congo )
Ik ben een alleenstaande moeder met 1 kind en ben hier al 5 jaar. Ik volgde het programma voor nieuwkomers bij Open School. Daarna cursussen Nederlands bij de VDAB en bij LBC.
Ik volgde ook nog een opleiding tot poetsvrouw bij de VDAB.
Daarna werkte ik 1.5 jaar als poetsvrouw met dienstencheques. Dat was bij de Regenboog, de dienst voor gezinszorg.
Ik ben sinds een jaar zonder papieren. Ik kuis nu in het zwart bij mensen thuis. Ik verdien 4 euro per uur.
6. Bary ( uit Guiné )
Ik ben 5 jaar hier. Ik ben hier alleen. Ik leerde eerst Nederlands bij het CVO. Daarna volgde ik een opleiding bij de VDAB als bekister. Toen ik de opleiding gedaan had vroeg ik een arbeidskaart aan. Dat was negatief. Ik weet niet waarom.
Ik kon toch werken. Ik werkte vooral via interim. Ik deed vooral ongeschoolde arbeid. Het meeste was in de tuinbouw. Ik deed vooral tomaten plukken. Sinds 6 maanden mag ik niet meer werken want ik heb geen papieren meer.
Ik werk nog in het zwart. In de tuinbouw. Ik verdien 4 euro per uur.
7. Miranda ( uit Congo )
Ik ben 4.5 jaar in België. Ik ben Congolees en spreek Frans en een beetje Nederlands. Ik heb 1 kind. Ik leerde Nederlands bij Open School en VDAB. Ik volgde bij de VDAB de opleiding kamermeisje. Ik werkte voltijds en verdiende officieel. Dat was tussen 1.100 en 1.200 euro. Nu werk ik als kamermeisje extra. Ik werk niet meer elke dag. Ik werk als de baas iemand extra nodig heeft. Ik verdien officieel. Ik heb ondertussen negatief. Mijn baas weet dat niet. Ik werk nog altijd voor hem. Hij betaalt mij nog altijd officieel.
5. Enkele relevante gegevens en tendensen.
De problematiek van het zwartwerk bij mensen zonder papieren is inherent aan hun illegale status. Ze hebben weinig andere keuzes. Een regularisatie biedt voor mensen zonder papieren die noodgedwongen zwart werken, zonder twijfel een oplossing. Met wat er middels de formateurnota nu op tafel ligt, liggen er mogelijkheden voor een aantal mensen zonder papieren. De eerste, nog niet herwerkte, formateurnota biedt echter vooral een aantal algemene voorwaarden, de grote contouren waarbinnen een regularisatieproces zijn vorm zal krijgen. Of veel mensen dan wel weinig mensen zonder papieren daar zullen van kunnen genieten hangt af van de concretisering van die voorwaarden. Daar hangt dus ook de mogelijkheid tot toegang voor tot de reguliere arbeidsmarkt voor de mensen zonder papieren van af.
Buiten het bestek van onze enquéte maar toch enigszins verwant met de problematiek is arbeidssituatie van – tijdelijk - wettige verblijvers, van –arbeids- migranten met allerlei voorlopige/tijdelijke verblijfsstaturen. In het zeer lijvige document van het Hiva en Oases over de problematiek van arbeidsmigratie en tewerkstelling onderscheidt men duidelijk de verschillende groepen migranten en vluchtelingen. En wordt o.m. een gedetailleerd beeld gegeven van de positie van – arbeids – migranten op de arbeidsmartk en haar toegankelijkheid in relatie tot de verschillende verblijfsstatuten. Het document besluit met een aantal aanbevelingen die eveneens de toegankelijkheid tot de arbeidsmarkt voor mensen met een precair verblijfsstatuut, vergroot.
Het in kaart brengen van de omvang van zwart werk door arbeidsmigranten in het algemeen, door mensen zonder papieren in het bijzonder, is en blijft een heikele onderneming. Alleen al maar wat betreft cijfergegevens baseren we ons noodgedwongen op schattingen; zij het dat die gebaseerd zijn op afleidingen en extrapolaties allerhande. Voor Europa wordt op die manier het getal 7.500.000 undocumented migrants naar voren geschoven. Voor België circuleert het getal 100.000. En uit de omgevingsanalyse die het Antwerps Minderhedencentrum de8 voorbereidt, komt voor Antwerpen het aantal van 30.000 mensen zonder papieren naar boven. Op basis van de Antwerpse gegevens lijkt het aantal van 100.000 mensen zonder papieren in België ons een onderschatting. Cijfermatige gegevens over het aantal mensen zonder papieren dat zwart werkt in Antwerpen, Vlaanderen, België, Europa ontbreken.
Een tendens die overal in Europa en ook in België waarneembaar is, is enerzijds het dalend aantal asielaanvragen – gehalveerd in België sinds het begin van het millenium – en anderzijds de stijging van de klandestiene – arbeids – migratie. Critici, die het huidige Europese beleid dat vooral gericht is op het dichten van de grenzen, verwijten dat dit beleid illegaliteit creëert en mensensmokkel en –handel in de hand werkt, worden door de feiten in het gelijk gesteld. Waar klandestiniteit aanwezig is en/of toeneemt, is ook zwart werk aanwezig/neemt zwart werk toe. Het valt te vrezen, in het licht van de huidige evoluties, dat het probleem van klandestiene arbeid en zwartwerk door mensen zonder papieren, nog niet gauw van de baan zal zijn.